Bitterballen met grove mosterd
Mijn vader zei altijd dat een goede bitterbal het verschil maakt tussen een geslaagde en een matige borrel. Hij maakte ze zelf, met restjes van de zondagse rosbief. Tegenwoordig haal ik ze van mijn vaste slager Van Aalst, die ze nog op de oude manier maakt. Maar als je het zelf wilt proberen, hier is het familierecept.
Ingrediënten
- 250 g rundergehakt of restjes rosbief
- 75 g boter
- 75 g patentbloem
- 500 ml rundvleesbouillon
- 1 stuks uien
- 2 el verse peterselie
- 1 snufje nootmuskaat
- 2 stuks eieren
- 100 g bloem
- 200 g paneermeel
- 1 l frituurvet
- 4 el grove mosterd
Bereiding
- Smelt de boter in een steelpan, voeg de bloem toe en bak 2 minuten al roerend, dit is de roux.
- Schenk al kloppend de bouillon erbij, blijven roeren tot een dikke saus zonder klontjes.
- Voeg gehakt of fijngesneden vlees toe, gesnipperde ui, peterselie, peper, zout en nootmuskaat.
- Laat 10 minuten zachtjes doorkoken tot een dikke ragout. Schep in een platte schaal en laat in de koelkast 4 uur opstijven.
- Vorm met natte handen ballen van 30 gram. Rol door bloem, dan door losgeklopt ei, dan door paneermeel.
- Herhaal de paneer-stap voor extra knapperige korst, eerst weer ei, dan paneermeel.
- Verhit het frituurvet tot 180 graden. Frituur de bitterballen in 3 tot 4 minuten goudbruin.
- Laat uitlekken op keukenpapier. Serveer warm met grove mosterd.
Categorieën
Borrelplank · Borrel · Voorgerecht